Sint-Martinuskerk Stevoort - uit: Stevoort ... warm aanbevolen (2002)

Description

pp. 23-24

De Sint-Martinuskerk en de religieuze belevenis speelden zeker en vast een centrale rol in het dagdagelijkse leven.

De kerk is het resultaat van verschillende bouwcampagnes. Het is een driebeukig bedehuis met half ingebouwde westertoren, een schip van vier traveeën, een koortravee en rechthoekige apsis.

Aan de noordzijde van het koor ligt de herenkapel, aan de zuidzijde de sacristie.

De toren is een overblijfsel van de laatgotische kerk. In een hoeksteen van de zuidgevel van de toren bevindt zich een verticale zonnewijzer zonder stijl. Een gotisch inschrift uit de 16e eeuw luidt: "A° XVcLIII de XVde Meye is gesett de eerste stij godt eere marie S. Marten mee". In de ankers leest men nochtans het jaartal 1557.

Over de oude kerk is niet veel bekend. In 1624 waren er enkele heiligenbeelden: H. Martinus, H. Niklaas, H. Hubertus en H. Rochus. Uit de verslagen van de aartsdiaken weet men dat de kerk zijbeuken had, dat de toren in 1763 door de gemeente moest onderhouden worden, dat er toen drie klokken waren en een uurwerk dat op kosten van de Armentafel onderhouden werd.

Volgens de aartsdekenale visitatie in 1624 van de kerk van Stevoort verwaarloosde de pastoor de zondagspreken tot groot nadeel van het geestelijk welzijn van zijn parochianen. In 1618 had hij reeds een vermaning hieromtrent gekregen en men had hem de raad gegeven Vlaamse preken te kopen om ze aan het volk voor te lezen.

De koster Hendrik Pollenders wordt vervangen omdat hij geen muziek kent en de plechtige hoogmissen niet kan opluisteren met zijn gezangen.

Tijdens de aartsdekenale visitatie op 6 maart 1650 van de kerk van Stevoort beloven de gemeentenaren dat zij voor de pastoor een pastorij zullen bouwen. Acht jaar later beklaagt de pastoor zich bij de aartsdiaken omdat zijn pastorij veel te ver van de kerk gelegen is en hij op eigen kosten een klein huisje heeft moeten bouwen, dat dichter bij de kerk gelegen is. De pastorij is trouwens bouwvallig geworden. Pas in 1726 werd de pastorij hersteld.

In de kerk van Stevoort was er een betwisting ontstaan over de zitplaatsen op het koor; vele parochianen kwamen daar de mis bijwonen tot ongenoegen van de heer van de heerlijkheid. Daarom wordt op 28 september 1666 aan de pastoor bevel gegeven vanop de kansel bekend te maken dat alleen de heer en zijn dienaars op het koor mogen plaatsnemen.

De kerkfabriek van Stevoort betaalt in 1670 één gulden 'voor appelen, noten, koeken en wittebrood die op Palmenzondag uit de toren geworpen worden voor de kinderen'.

Tijdens de aartsdekenale visitatie op 27 juni 1712 van de kerk van Stevoort wordt vastgesteld dat er geen zoldering is in de zijbeuken en in het schip van de kerk, dat gans de kerk moet gewit worden en dat de vloer van het schip, vol grachten en oneffenheden, moet genivelleerd worden.

Op het einde van de 18e eeuw werd de oude kerk, uitgezonderd de toren, afgebroken. De abdis van Herkenrode (1772-1790), Augustina van Hamme, als tienhefster bouwde de nieuwe kerk volgens de plannen van de Luikse architect Barthélemy Digneffe (1724-1784). Er waren geen zijbeuken voorzien, wel een koor, een sacristie en een communiebank. De gemeente zelf moest 4000 gulden aan de abdis geven en kreeg daarenboven nog de last om ijzersteen op de Bolderberg te gaan halen indien er in de kerk niet voldoende afbraakmateriaal werd gevonden om de fundamenten van de nieuwe kerk tot twee voet boven de grond op te trekken. 

In 1891-1892 was de kerk te klein geworden en werd deze door de Stevoortse architect Hyacinthus Martens (1847-1919) uitgebreid met twee zijbeuken. De openbare aanbesteding vond plaats op 10 juni 1891 in het gemeentehuis in het bijzijn van burgemeester J.-L. Hermans, de voorzitter van het kerkbestuur A. Raskin en de provinciale bouwmeester. De kosten werden geraamd op 34771 fr. en 4 centiem. De definitieve beslissing werd bij Koninklijk Besluit bekrachtigd op 3 augustus zodat de werken nog dat jaar konden beginnen. Grote poorten werden uitgekapt in de toenmalige buitenmuren. Ook de huidige grote ingangspoort werd toen gekapt. De oude ingang bevond zich immers aan de oostzijde van de toren.

Een arduinen gedenksteen in de toren (boven het rond venstertje) vermeldt in een chronogram 1891, datum van de werken: paLMers CIVIbUsqUe pagI / aDIUVantIbUs ChrIsto aUCta (vertaling: 'Door Palmers en de hulpvaardige bevolking, ter ere van God').

Samen met de vergroting van de kerk werd ook de pastorie gebouwd. Deze is gedateerd 1891 door middel van een chronogram boven de deur: Deo / eXCeLso ILLIUsqUe / MInIstro In terrIs / eXstrUCta (vertaling: 'Voor de almachtige God en zijn dienaar op aarde gebouwd'.)

Recent toegevoegd

Auteur: Tom Kenis Geparafraseerde Radio 2-getuigenis van militair William De Wilde en zijn echtgenote...
Auteur: Tom Kenis De familie Trippas verbleef in Belgisch Congo van 1954 tot en met de onafhankelijkheid...
Auteur: Tom Kenis Antoinette Fransen, de moeder van Moelly Henno, werd tijdens Wereldoorlog II...
Zoveel Hasselaren, zoveel linken met Congo. Om de meest uiteenlopende redenen trokken Hasselaren al...
Auteur: Tom Kenis Joseph (°Hasselt 04.07.1926) en Denise (°Hasselt 22.01.1927) leerden elkaar kennen als...
Auteur: Tom Kenis André Billen, geboren in 1927, studeerde economie. Hij slaagde voor het diplomatiek...
Auteur: Tom Kenis De in Hamont geboren Joseph (Jef) Verlaak, thans inwoner van Viversel maar gedurende...
Auteur: Toon Blux Hermanus, Petrus, Joseph Blux is de oudste zoon van Louis Bleux (1) uit Kuringen en...
Auteur: Tom Kenis Edgard Jamart werd geboren in een gehucht tussen Bergen en Luik, maar woont al 40 jaar...
Auteur: Hubert Bovens Marcellin Lagarde werd geboren te Sougné, Sprimont in de provincie Luik op 2...